Het Hogepriesterlijk gebed. Johannes 17:10 t/m 12

Vandaag wil ik Gods hart met jullie delen.
En in het bijzonder vanuit het hogepriesterlijkgebed.

Vorige post hebben we gezien dat Jezus NIET voor de wereld bad, maar voor de Zijnen. (Opnieuw geboren gelovigen)
Ook hebben we gezien dat we natuurlijk wel mogen bidden voor de mensen om ons heen die verloren lijken te gaan. (in een reactie ben ik daar uitgebreid op in gegaan).
Zie: 1Timotheüs 2:1 t/m 4, Efeze 1:3 en 2 Korinthe 1:20, Johannes 5:14 en 15.

Vandaag gaan we verder:

En al het Mijne is Uw, en het Uwe is Mijn; en Ik ben in hen verheerlijkt. Johannes 17:10

Jezus zegt hier: “Alles wat van mij is, is van U en wat van U is, is van mij en Ik ben in hen verheerlijkt”.

Het fundament waar dit gebed op gegrond is, is het getuigenis dat de Vader en de Zoon een in wezen en een in belang zijn. Ik en de Vader zijn een. Johannes 10:30
Wat de Vader bezit is aan de Zoon overgegeven
Alle dingen zijn Mij overgegeven van Mijn Vader; en niemand kent den Zoon dan de Vader, noch iemand kent den Vader dan de Zoon, en dien het de Zoon wil openbaren. Mattheüs 11:27
Wat de Zoon als Verlosser bezit is bestemd voor de Vader. Al de zegeningen van de verlossing die door de zoon verkregen zijn, zijn bestemd tot de lof van de Vader. …al het Mijne is het Uwe…
De Zoon eigent Zich niks toe wat niet aan de dienst van de Vader is gewijd.
In zeker zin zegt elke ware (echte) gelovige: Alles wat van U is, is van mij.
In een onbeperkte zin zegt elke ware gelovige: Heere, alles wat van mij is, is van U.
Alles wordt door de ware gelovigen aan Zijn voeten gelegd om dienstbaar te zijn voor Hem.

Jezus pleit op Zijn belang in hen (de ware gelovigen). Hij zegt: Ik ben in hen verheerlijkt.
Jezus is in ons verheerlijkt! Zijn heerlijkheid wordt zichtbaar door ons heen. In ons hele leven, zijn wij gericht om Christus te verheerlijken, in alles wat we zijn en doen.

En Ik ben niet meer in de wereld, maar deze zijn in de wereld, en Ik kome tot U, Heilige Vader, bewaar ze in Uw Naam, die U Mij gegeven hebt, opdat zij een zijn, gelijk als Wij.
Johannes 17:11

Jezus bidt hier in de eerste plaats voor zijn discipelen en profetisch voor alle ware gelovigen. Jij en ik.
Hij bidt met het oog op zijn lijden en sterven, en bid dat de Vader hen bewaart in Zijn Naam.
Hij bid en dit gebed heeft alles te maken met de geestelijke zegeningen in de hemelse gewesten.
Gezegend zij de God en Vader van onzen Heere Jezus Christus, Die ons gezegend heeft met alle geestelijke zegening in de hemel in Christus.
Gelijk Hij ons uitverkoren heeft in Hem, voor de grondlegging van de wereld, opdat wij zouden heilig en onberispelijk zijn voor Hem in de liefde; Die ons te voren verordineerd heeft tot aanneming tot kinderen, door Jezus Christus, in Zichzelf, naar het welbehagen van Zijn wil. Efeze 1:3 t/m 5

ZIE JIJ HIER DE OVEREENKOMST?
De God en Vader van onze Heere Jezus Christus, heeft de discipelen en jouw en mij gezegend met ALLE geestelijke zegeningen in de hemel in Christus!
Dit is precies waar de Heere Jezus om bid bij Zijn Vader in het hogepriesterlijk gebed!
Het eerste waar Jezus voor bidt in Zijn hogepriesterlijk gebed is hun, jouw en mijn bewaring.
Bewaring verondersteld gevaar, gevaar dat kwam, komt van de wereld.
Er bestaan 2 manieren om van de wereld verlost te worden.
1- Door hen, ons uit de wereld weg te nemen.
2- Bewaren voor de boze. Johannes 17:15

Toen Ik met hen in de wereld was, bewaarde Ik ze in Uw Naam. Die U Mij gegeven hebt, heb Ik bewaard, en niemand uit hen is verloren gegaan, dan de zoon van de verderfenis, opdat de Schrift vervuld word. Johannes 17:12

In Zijn omwandeling op aarde heeft de Heere Jezus Zin discipelen en de ware gelovigen in de Naam van de Vader bewaard. Hij heeft hen bewaard die van de Vader aan Hem gegeven zijn.
En NIEMAND uit hen is verloren gegaan! Niemand uit ons, zal verloren gaan omdat de Heere Jezus nog steeds voor ons bidt!
Waarom Hij ook volkomen kan zalig maken degenen, die door Hem tot God gaan, alzo Hij altijd leeft om voor hen te bidden. Hebreeën 7:25

Alleen de zoon van de verderfenis is verloren gegaan, opdat de schrift vervuld word.
Hier wordt als het ware een brandmerk gezet op Judas, die Jezus zou verraden.
Waarom? Omdat hij een zoon van de verderfenis was.
De zonde (ongehoorzaamheid) van Juda was voorzien en voorzegt en de gebeurtenis zou zeker volgen nadat hij voorzegt was.

Zelfs de man mijns vredes, op welken ik vertrouwde, die mijn brood at, heeft de verzenen tegen mij grotelijks verheven. Psalm 41:10

Want het is geen vijand, die mij hoont, anders zou ik het hebben gedragen; het is mijn hater niet, die zich tegen mij groot maakt, anders zou ik mij voor hem verborgen hebben.
Maar gij zijt het, o mens, als van mijn waardigheid, mijn leidsman en mijn bekende!
Wij, die te samen in zoetigheid heimelijk raadpleegden; wij wandelden in gezelschap ten huize Gods.
Psalm 55:13 t/m 15

En toen zij aten, zei Hij (Jezus): Voorwaar, Ik zeg jullie, dat een van jullie Mij zal verraden.
En zij, zeer bedroefd geworden zijnde, begon een iegelijk van hen tot Hem te zeggen: Ben ik het, Heere?
En Hij, antwoordende, zei: Die de hand met Mij in den schotel indoopt, die zal Mij verraden.
De Zoon des mensen gaat wel heen, gelijk van Hem geschreven is; maar wee die mens, door welken de Zoon van de mensen verraden wordt; het was hem goed, zo die mens niet geboren was geweest.
Mattheüs 26:21 t/m 24

JEZUS BID VOOR ONS EN BEWAARD ONS IN DEZE WERELD IN DE NAAM VAN DE VADER!
Waarom?
OMDAT WIJ AAN DE HEERE JEZUS GEGEVEN ZIJN VAN DE VADER!
Hoe weet ik dat?
OMDAT WIJ NET ALS DE DISCIPELEN DE HEERE JEZUS CHRISTUS HEBBEN AANGENOMEN ALS ONZE VERLOSSER, EN NAAR ZIJN WIL LEVEN.

Volgende keer gaan we verder met Johannes 17:13

De enige waarheid = Jezus heeft jouw vrijgemaakt!

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.