De overhand nemen

Werkwoorden in de Bijbel. 44
De Bijbel is een boek wat vol staat met werkwoorden.
Dus wat we kunnen onderstrepen is dat de Bijbel een doe-boek is.

Het werkwoord van vandaag is: de overhand nemen.

Genesis 7:18 – En de wateren namen de overhand, en vermeerderden zeer op de aarde; en de ark ging op de wateren.
Namen de overhand in het Hebreeuws staat er: en overweldigden de wateren.
Het Strongwoord 1396 overweldigden betekend: overtreffen, bevestigen, groot zijn, machtig zijn, zegevieren, sterker maken, versterken, sterker zijn.

Met de `vloed` in vers 17 zal de stortvloed, de regen bedoeld zijn. De waterstand neemt toe, zodat de ark gaat drijven (vers18). Het woord wattelek geeft aan dat het schip met de stroom meegaat. De wateren hebben de overhand, zij triomferen. Het toenemende water heeft als gevolg `en alle hoge bergen onder de hele hemel werden overdekt` (vers 19).
In vers 16 staat dat God de ark toesloot nadat Noach in de ark was gegaan. Dit houd in God neemt de verantwoordelijkheid op Zich voor de veiligheid van mens en dier. Vanaf dit moment is Noach compleet overgeleverd aan de wil van God.
Als wij de vloed zien komen dan schuilen wij in de ark, in de schuilplaats van de Allerhoogste, in God (psalm 91).
Dit betekend dat de ark geen anker had. Noach had in al de tijd van de vloed geen een keer zijn anker uitgegooid. Met andere woorden hij heeft geen een keer zijn houvast in aardse zekerheden gezocht.
De ark gaat met de stroom mee. Als we in Christus schuilen betekend het niet dat de vloed meteen ophoud vaak gaan wij in Christus met de vloed mee.

Een mooi beeld hiervan zien we ook in Jesaja 43:1 en 2: Maar nu, alzo zegt de Heere, uw Schepper, o Jakob! en uw Formeerder, o Israël! vrees niet, want Ik heb u verlost; Ik heb u bij uw naam geroepen, gij zijt Mijn.
Wanneer gij zult gaan door het water, Ik zal bij u zijn, en door de rivieren, zij zullen u niet overstromen; wanneer gij door het vuur zult gaan, zult gij niet verbranden, en de vlam zal u niet aansteken.

Wie in de schuilplaats van de Allerhoogste is GEZETEN, die VERNACHT in de schaduw van de Almachtige.
De tijd dat Noach in de ark was. Leefde hij in de ark, de schuilplaats van de Allerhoogste
Die hem beschermde tegen de vloed zo moeten ook wij verblijven in de schuilplaats in God.
We moeten niet pas in God gaan als de vloed komt maar elke dag leven en bewegen in God.
Dan is het mogelijk als de vloed komt dat je in de ark meebeweegt in de vloed. Zodat de vloed je niet raakt.
Je gaat door een periode van vloed heen in Christus. Als jou situatie de overhand schijnt te nemen in jou leven zoals de vloed de overhand nam op de aarde raakt dan niet in paniek maar begrijp dat je leeft in Gods aanwezigheid. Dat je leeft en beweegt in de ark (in Christus).
Noach maakte zich in de ark niet druk over de bestemming van de ark, waar deze uiteindelijk zou stranden. Zo moeten wij ook in onze vloed ons niet bezig houden met de gevolgen of waar onze vloed uiteindelijk strand maar met het leven en bewegen in Christus.

Je moet niet gericht zijn op je omstandigheden ondanks dat die overhand nemen ,maar ons oog moet gericht zijn op Christus en onze omstandigheden aan Hem toevertrouwen. Dan alleen is de uitkomst van onze situatie/vloed in Gods bestemming.
Wij moeten niet voor Gods voeten lopen door zelf de uitkomst te willen bepalen. Maar wij moeten leven en bewegen in Zijn wil dwars door alle omstandigheden heen.

De enige waarheid = Jezus heeft jou vrijgemaakt!

Bron: Bijbel (SV)
Studiebijbel

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.