Uit de aarde genomen

Werkwoorden in de Bijbel. 33
De Bijbel is een boek wat vol staat met werkwoorden.
Dus wat we kunnen onderstrepen is dat de Bijbel een doe-boek is.

Het werkwoord van vandaag is genomen.
Zo verzond hem (Adam) de HEERE God uit de hof van Eden, om de aardbodem te bouwen, waaruit hij genomen was.
Genesis 3:23

Etymologie. (studie van de herkomst van woorden)
De etymologie van de naam “Adam” is niet doorslaggevend verklaard. Onder de talrijke theorieën om de naam te verklaren, blijft een mogelijk verband met de semitische wortel ’dm (“rood zijn”) vermeldenswaard. Het verbindende element ligt dan in de roodbruine huidskleur van de mens. Genesis 2:7 en 3:19 lijken een verband te leggen met ’ădāmāh (“aarde”, “aardbodem”) (vergelijk het Akkadische adamātu, “donkere, rode aarde”) en kenmerken de mens daarmee als “aardling”.

Waaruit is Adam genomen?
En de HEERE God had de mens geformeerd uit het stof van de aarde, en in zijn neusgaten geblazen de adem van leven; alzo werd de mens tot een levende ziel. Genesis 2:7

Is Adam letterlijk geformeerd, genomen uit het stof van de aarde?
God maakt de mens, stof (materiaal) uit de aarde. (vs. 7)
Het werkwoord voor formeren, vormen word wel gebruikt voor het werk van een pottenbakker.
(Jeremia 18:2), terwijl Jesaja het gebruikt voor een beeldhouwer (Jesaja 44:9 t/m 12),
En geeft het vormen van een kunstwerk aan. De gangbare veronderstelling is, dat de mens uit stof gemaakt (geboetseerd) is, maar dat staat hier niet. God maakt de mens als kunstwerk uit het reeds aanwezig materiaal.

Het woordje uit (S.V.) ontbreekt. Ook in Job 10:9. Jesaja 29:16, Psalm 90:3 en Psalm 104:29 staat niet dat de mens uit stof geboetseerd is. Een pottenbakker gebruikt trouwens geen stof maar leem.
Specifieke woorden voor leem ontbreken hier. Apar betekend materiaal in zijn kleinste delen (vgl. Leviticus 14:41, Deuteronomium 9:21 en 2 koningen 23:12). Hier zal bedoeld zijn: de kleinste bouwstenen uit de aardbodem, uit de natuur. Vanuit onze latere kennis kan gedacht worden aan chemische en natuurkundige elementen. (vgl. Kulling, 1984)

De mens ontstaat door een afzonderlijke scheppingsdaad en ontvangt het leven rechtstreeks van God.

Wat ook nog opgemerkt kan worden is dat De hele schepping tot stand is gekomen door het gesproken woord van God. (En God zei…)
Terwijl de dieren van het veld, vogels en Adam niet zijn geschapen door het gesproken woord van God maar geformeerd zijn uit materiaal van de aarde. (Vlg. Genesis 2:19)
Dit wijst op de persoonlijke betrokkenheid van de schepper. God gebruikt hiervoor geen machtswoord, maar Hij heeft hen liefdevol gevormd.
Hetzelfde zien wij bij het bouwen van de rib, die Hij uit de mens genomen had, tot een vrouw.

Waarom spreekt God de schepping tot aanzien, Hij sprak en het was er. Terwijl God de dieren van het veld, vogels en de mens bouwt uit het materiaal van de aarde?

Dit heeft te maken met het Hebreeuwse woord `nepes` dat hier niet `ziel` maar `wezen` betekend.
Mens en dier hebben een leven dat zich van de planten onderscheid. In Genesis 1:30 staat dat de dieren een `levende ziel` (Hebreeuws: Nepes hayya) hebben i.p.v. zijn.
Ze zijn dus levende wezens die door God gezegend worden en de opdracht krijgen om vruchtbaar te zijn en zich voort te planten. (Genesis 1 : 28-29)

De enige waarheid = Jezus heeft jou vrijgemaakt!

Bronnen studie: Bijbel (S.V), StudieBijbel, Encyclo.nl en Wikipedia.org